Home>Tips & weetjes>Koffie, thee & voeding>Thee>Thee: oorsprong en soorten
Bekijk ons volledige assortiment Klik hier voor inspiratie

Thee: oorsprong en soorten

De oorsprong
China is de bakermat van de theecultuur. Volgens de overlevering is de mythische Chinese keizer Shen Nung de grote ontdekker. Toen hij in het bos een ketel water kookte, dwarrelden toevallig enkele blaadjes van een wilde struik in het water. De keizer vond de geur en de smaak van het gekookte water met de blaadjes heerlijk: zo zou ca. 5000 jaar geleden de eerste thee zijn ontstaan. Die wilde struik kennen wij nu als Camellia sinensis (d.w.z. de Chinese theestruik). Alle theesoorten zijn afkomstig van deze groenblijvende struik. Tegenwoordig wordt thee in heel veel landen met een (sub-)tropisch en vochtig klimaat geteeld; de bekendste ‘theelanden’ zijn China, India, Japan en Sri Lanka.

Als een theestruik vier jaar oud is, kan er voor het eerst worden geoogst. Voor de meest verfijnde theesoorten plukt men alleen de bladknop met de bovenste tere jonge blaadjes. Voor theeën met een wat robuustere smaak worden ook volgroeide blaadjes gebruikt.

De diverse theesoorten zijn het resultaat van verschillen in klimaat, grondsoort en ligging (met name de hoogte) van de plantage. Daarnaast hebben ook het oogstseizoen en de manier van plukken, bewerken en verpakken een belangrijke invloed op de uiteindelijke kleur, smaak en geur.


Hoe ontstaat thee?

Een geplukt theeblaadje ondergaat een aantal stappen voordat het klaar is voor het zetten van een kopje thee:

Verflensen:
Tijdens het verwelken (verflensen) verliezen theeblaadjes de helft van hun vocht. Dit proces neemt ongeveer 20 uur in beslag. Hierna is het blad soepel genoeg om, zonder te breken, te worden gerold.

Rollen:
Het blad wordt tussen twee, in tegenovergestelde richting draaiende, metalen platen gerold en gekneusd. Zo komen de bladsappen vrij die belangrijk zijn voor het uiteindelijke karakter van de thee. Dit rollen duurt ongeveer een half uur.

Fermenteren (zwarte thee, Oolong en rooibos):
Bij een constante temperatuur van ca. 25°C en een zeer hoge vochtigheidsgraad, beginnen de theeblaadjes op te warmen en te gisten. Door het contact met zuurstof krijgen de blaadjes het kenmerkende theearoma en de donkere kleur van zwarte thee. Dit proces duurt één tot drie uur.

Drogen:
De fermentatie wordt stopgezet door de temperatuur te verhogen tot ca 90°C, het zgn. drogen of ‘vuren’. Dit duurt ca. 20 minuten. Ook groene, niet-gefermenteerde thee ondergaat dit droogproces.

Zeven:
Na het drogen worden de theebladeren, met behulp van schudzeven in verschillende maten, op grootte gesorteerd. Hoe groter de theeblaadjes, hoe langer de thee moet trekken. De stukjes theeblad in eenzelfde melange moeten dus ongeveer even groot zijn.

Na deze stappen wordt de thee verpakt en in zijn ‘pure’ vorm op de markt gebracht, of wordt er een melange samengesteld met verschillende theesoorten. Thee kan ook worden gearomatiseerd door specerijen, kruiden, bloemen of vruchten toe te voegen. Daarnaast kan men thee ook roken (bv. Lapsang Souchong).


Zwarte thee

De theeblaadjes worden na het plukken verflenst en vervolgens gerold, gekneusd en verhit. Dankzij een relatief lang fermentatieproces krijgt de thee zijn kenmerkende goudbruine tot zwarte kleur. Zwarte thee heeft een krachtige smaak en is intens geurig. 

Oolong
Oolong thee zit qua smaak enigszins tussen groene en zwarte thee in: het frisse van groene thee, maar ook het volle karakter van zwarte thee. Het productieproces voor deze half-gefermenteerde thee is hetzelfde als bij zwarte thee, alleen is de fermentatiefase korter. Voor deze theesoort worden de hele theeblaadjes gerold; hierdoor behouden zij hun oorspronkelijke karakter en bloemige smaak. Het aroma en de smaak zijn zachter dan die van zwarte thee.


Groene thee
Groene thee is licht van kleur en fris van smaak. Voor groene thee worden de theeblaadjes meteen na het plukken verflenst en verhit; er vindt geen fermentatie plaats en de thee behoudt zijn groene kleur. Deze thee wordt traditioneel gedronken in China en Japan maar is ook bij ons heel populair.
 

Witte thee
Witte thee dankt zijn naam aan de met zilverwitte ‘donshaartjes’ bedekte bladknoppen van de theestruik. Aan het begin van het groeiseizoen, nog voordat deze knoppen opengaan, worden de jonge theeblaadjes geplukt. Vervolgens worden ze in de zon verflenst en gedroogd. Dit delicate proces zorgt voor een lichtgekleurde, verfrissende thee met weinig theïne  en een pure, lichtzoete smaak.
 

Rooibos
Rooibos is afkomstig van het blad en de twijgjes van de Zuid-Afrikaanse struik Aspalathus linearis. Het is dus eigenlijk geen ‘echte’ thee. Rode rooibos ondergaat hetzelfde fermentatieproces als zwarte thee. Groene rooibos, afkomstig van dezelfde struik, wordt niet gefermenteerd. Beide soorten zijn van nature theïnevrij, dus ook heel geschikt om ‘s avonds te drinken. 


Theïne

Alle ‘echte’ thee, d.w.z. van de bladeren van de theestruik, bevat theïne. Theïne is een zgn. alkaloïde, dezelfde stof als cafeïne in bv. koffie. Deze stof heeft een licht opwekkend effect en vermindert vermoeidheid. Vandaar dat een kopje thee bij het ontbijt of in de namiddag zo lekker is!

Het theïnegehalte verschilt per theesoort en wordt beïnvloed door tal van factoren, zoals bv. de soort theeblaadjes, de omstandigheden tijdens de groei en de manier waarop de blaadjes na het plukken worden verwerkt. Wel is het zo dat, ongeacht de theesoort, een kopje thee minder theïne bevat dan een kopje koffie.  


Waarom losse thee?
Veel theeliefhebbers geven de voorkeur aan losse thee: hiervoor worden meestal theeblaadjes van de beste kwaliteit gebruikt. Als de losse theeblaadjes voldoende ruimte hebben om zich in het hete water te ontvouwen, geven zij optimaal hun smaak en geur af. Bovendien kan je losse thee helemaal naar eigen smaak doseren.